Voorwoord

Voor u ligt het jaarverslag van 2020. Een niet snel te vergeten en voor velen zeer impactvol jaar. Een jaar dat werd gekenmerkt door de coronapandemie die onze regio, ons land en de wereld in de greep hield. Ik kan niet anders beginnen dan dat ik ongelofelijk trots ben op en heel veel waardering heb voor onze collega’s die dit jaar (en ook in 2021) onder zware omstandigheden hun werk moesten doen en hebben gedaan. Het was zwaar. Maar het was dankbaar werk, omdat juist nu duidelijk werd dat het openbaar vervoer een cruciale rol vervult in de samenleving.

De coronapandemie was echter een grote domper op alle goede plannen voor 2020. Het jaar begon zo mooi met een klantwaardering van een 8 in het eerste kwartaal! We waren druk bezig met de voorbereiding van een jaar vol evenementen, zoals het Eurovisie Songfestival, North Sea Jazz en activiteiten rond de Olympische Spelen. In plaats daarvan werd het een jaar van lockdown, mondkapjes en sterk afnemende reizigersaantallen.

In deze moeilijke tijd zochten vervoersbedrijven steun en samenwerking bij elkaar. Via OV-NL hebben we onze gezamenlijke stem goed laten horen. Zo kwam er een constructieve samenwerking tot stand tussen vervoerders, opdrachtgevers en het Rijk. Met gezamenlijke regels, communicatie en een beschikbaarheidsvergoeding als resultaat.

Corona heeft veel gevraagd van ons en van onze reizigers. De gevolgen hiervan zullen nog lang merkbaar zijn. We werken nu aan een transitieplan dat ons in de komende drie jaar weer op ons service- en reizigersniveau van januari 2020 moet brengen. Maar we kijken ook verder. Deze pandemie heeft ons meer tijd gegeven om ons beter voor te bereiden op de mobiliteitsvraag van de toekomst. Er worden de komende jaren ruim 50.000 woningen bijgebouwd in de stad en 240.000 in de regio. Dat vraagt om meer openbaar vervoer en om meer en diversere vormen van mobiliteit. Uitbreidingen van ons netwerk die een lange voorbereidingstijd nodig hebben, waardoor de overheid nú moet besluiten om te investeren, zodat al deze inwoners straks goed en met gemak kunnen reizen. Een eerste stap is al gezet. Er komt een oeververbinding tussen Feijenoord en Kralingen. Als het aan mij ligt, wordt dit een tunnel waar de metro doorheen rijdt. Dat is de beste, meest toekomstbestendige optie. En ook onze andere speerpunten staan hoog op de agenda.

2020 was ook het jaar waarin we kennis maakten met een andere manier van werken. Onze collega’s op kantoor werden thuiswerkers. We hebben dit jaar geleerd wat dit van ons vraagt, welke eisen dit stelt aan zowel onze werkplek als onze digitale vaardigheden. We hebben ervaren wat de voordelen zijn van thuiswerken en hoe groot de behoefte is om je collega’s regelmatig op de werkplek te zien en te spreken.

Het bijzondere jaar 2020 eindigde met een vervelend ongeluk waarmee de RET voor één dag wereldnieuws werd. Dat kwam vooral door het surrealistische, filmische beeld: een metro schoot door het stootblok en kwam tot stilstand op een kunstwerk van twee walvisstaarten in Spijkenisse. Bij dit zware ongeluk vielen gelukkig geen slachtoffers, maar de schade aan voertuigen en infrastructuur is enorm.  Het onderzoek is nog onderhanden. De uitkomsten volgen in de loop van 2021.

Terugblikkend was 2020 voor iedereen een uniek jaar. 2021 wordt het jaar van hoop. Van vaccins, van voorzichtig meer mogen en vooral van samen. We zijn er nog niet. Als gevolg van de coronamaatregelen is het aantal reizigers in 2021 nog steeds significant lager ten opzichte van de periode voor corona. Wel heeft de overheid de beschikbaarheidsvergoeding verlengd tot en met het derde kwartaal. We blijven er samen de schouders onder zetten en elkaar helpen. Ik dank de Ondernemingsraad, de Raad van Commissarissen, de Metropoolregio Rotterdam Den Haag, het Rijk en aandeelhouder voor de goede samenwerking in deze crisis. Ik dank de collega’s, onze reizigers en alle anderen met wie we in dit jaar hebben samengewerkt om het openbaar vervoer in de regio veilig en goed te houden.

Hierbij presenteer ik het jaarverslag met cijfers die de RET nog nooit eerder heeft laten zien. De terugblik op een ongekend jaar.

Maurice Unck,
algemeen/statutair directeur