Financiële resultaten

Het jaar 2020 is afgesloten met een verlies van € 11,4 miljoen, terwijl een positief resultaat van € 3,5 miljoen was begroot. Corona heeft in 2020 veel impact gehad op het resultaat. Vanaf half maart is als gevolg van de coronamaatregelen (o.a. thuiswerken, alleen essentiële reizen) het aantal reizigers significant gedaald. De kaartopbrengsten over 2020 zijn ruim € 80 miljoen lager uitgekomen dan wat we hadden verwacht en € 62 miljoen lager dan 2019. Naast de autonome groei was door de Hoekse Lijn een significante groei verwacht in 2020.

Door de overheid zijn de openbaar vervoersbedrijven tijdens de coronacrisis aangemerkt als ‘vitale sector’. Dit houdt in dat gevraagd is om een volwaardige dienstregeling aan te bieden. Om aan dit verzoek te kunnen voldoen, terwijl de reizigersaantallen en dus de inkomsten beperkt zijn, is door de overheid besloten tot de zogenoemde beschikbaarheidsvergoeding. Deze beschikbaarheidsvergoeding beoogt een kostendekkingsgraad van 93% voor de periode van 15 maart tot en met 31 december 2020, maximaal te verhogen met twee procentpunt, indien een winstmarge van minder dan twee% is behaald over 2019. De bijdrage van de RET aan het verlies is derhalve maximaal zeven% van de kosten voor de bus- en railconcessie.

De beschikbaarheidsvergoeding voor RET over 2020 is berekend op € 71,2 miljoen. Zonder deze vergoeding was het verlies over 2020 nog veel groter geweest. In deze vergoeding zijn tevens additionele coronakosten, zoals extra schoonmaakkosten en plexiglasschermen in de bussen, opgenomen.

De kostendekkingsgraad 2020 voor Tram, Bus, Metro en Ferry komt uit op 79,5%. Dat is een sterke daling ten opzichte van 2019 toen de kostendekkingsgraad 83,3% was. Met de kostendekkingsgraad wordt het relatieve aandeel van de kaartopbrengsten in het totaal van de exploitatieopbrengsten bedoeld. Een toename van de kostendekkingsgraad geeft aan dat we in verhouding minder subsidie gebruiken om onze exploitatie te kunnen uitvoeren. Door de significante daling in kaartopbrengsten is de kostendekkingsgraad sterk gedaald in 2020.

Vanaf 2020 zijn de gewijzigde afspraken met de MRDH als gevolg van de herijking ingegaan. Daarnaast zijn in overleg met de MRDH de bonussen voor klanttevredenheid, punctualiteit en beschikbaarheid alleen over het eerste kwartaal berekend en daarna door corona voorlopig stopgezet. Dit heeft geresulteerd in een daling van de exploitatiebijdragen ten opzichte van het voorgaande jaar.

Het hogere gemiddelde ziekteverzuim van 9,2% in 2020 (2019: 8,3%) heeft tot gevolg dat we in de exploitatie extra kosten hebben gemaakt voor de inhuur van medewerkers om de dienstregeling te kunnen blijven uitvoeren.

Op 8 december 2019 is de nieuwe busconcessie van start gegaan voor een periode van 15 jaar. De stijging van de afschrijvingskosten wordt met name veroorzaakt door de activering van de nieuwe bussen, waarover sinds 2020 wordt afgeschreven.

Onder resultaat deelnemingen is het verwachte positieve resultaat 2020 van RMC opgenomen.

Het balanstotaal is gestegen in vergelijking met het voorgaande jaar. Binnen de vaste activa is een toename zichtbaar bij het rollend materieel. Dit betreft de activering van de nieuwe bussen ten behoeve van de nieuwe busconcessie die eind 2019 is gestart. In 2019 en 2020 zijn veertig dieselbussen, 103 hybride bussen en 55 elektrische bussen geleverd en geactiveerd.

Daarnaast zijn de vorderingen gestegen ten opzichte van 2019. Dit wordt met name veroorzaakt door een hogere rekening-courantpositie met RET Infrastructuur B.V. en RET Railgebonden Voertuigen B.V. alsmede een deel nog te ontvangen beschikbaarheidsvergoeding over 2020 van ruim € 14 miljoen.

Aan de creditzijde van de balans zitten de belangrijkste veranderingen in de toename van de langlopende schulden, als gevolg van de nieuwe lening van de MRDH ter financiering van de nieuwe bussen. Daarnaast zijn de kortlopende schulden met name gestegen als gevolg van uitgestelde belastingbetalingen en terug te betalen NOW-subsidie, beide gerelateerd aan corona. Deze laatste dient te worden terugbetaald omdat de beschikbaarheidsvergoeding hiervoor in de plaats is gekomen.

Per saldo is het werkkapitaal exclusief liquide middelen iets gedaald ten opzichte van 2019. De kasstroom uit operationele activiteiten is negatief als gevolg van de daling in de kaartopbrengsten. Daarnaast staat een negatieve kasstroom uit investeringsactiviteiten, gecompenseerd door een positieve kasstroom uit financieringsactiviteiten. Per saldo is er sprake van een afname van de liquide middelen van € 11,3 miljoen.

Het eigen vermogen en de solvabiliteit nemen af ten opzichte van het voorgaande jaar. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door het verlies over 2020 van € 11,4 miljoen. De solvabiliteit neemt tevens af doordat het balanstotaal stijgt, met name door investering in de nieuwe bussen.

2021 wordt eveneens een zwaar jaar voor de RET. Als gevolg van de coronamaatregelen is het aantal reizigers nog steeds significant lager ten opzichte van de periode voor corona. Voor 2021 heeft de overheid de beschikbaarheidsvergoeding verlengd tot en met het derde kwartaal. De rijksbijdrage vanaf het vierde kwartaal is nog onzeker. De verwachting is dat er inclusief beschikbaarheidsvergoeding een verlies overblijft. Dit bedrag gaan we reduceren door enerzijds interne besparingsmaatregelen en anderzijds besparingen op de dienstverlening. Dit laatste in nauw overleg met onze opdrachtgever, de MRDH. De verwachting voor 2021 is dat we uiteindelijk op een resultaat van nihil uitkomen. Daarnaast verwachten wij dat we over voldoende liquiditeit beschikken om aan onze verplichtingen te kunnen voldoen.

De belangrijkste uitgangspunten en onzekerheden in de liquiditeitsprognose hebben betrekking op:

  • tegenvallers in reizigersopbrengsten. Tot en met tenminste 30 september 2021 worden deze voor 93% danwel 95% van de in aanmerking komende kosten onder aftrek van de reizigersopbrengsten gedekt door de beschikbaarheidsvergoeding OV;
  • timing van de ontvangst van de afrekening van de beschikbaarheidsvergoeding over 2020 en voorschotten over 2021 waarbij RET ervan uitgaat dat in 2021 € 59 miljoen en in 2022 resterend € 9 miljoen wordt ontvangen in de periode van de financiële prognose;
  • het studenten OV contract wordt in zijn reguliere vorm voortgezet en deze opbrengsten voor 2022 worden volledig vooruitontvangen in de periode van de financiële prognose;
  • timing van investeringen in nieuw materieel;
  • mogelijkheid ten aanzien van uitstel van betaling van loonheffing voor een bedrag van circa € 45 miljoen. De terugbetaling start per 1 juli 2021 en zal plaatsvinden in 36 maanden.

De beschikbare liquiditeiten bedragen ultimo 2020 ruim € 33 miljoen. Hiernaast kan RET gebruik maken van een kredietfaciliteit van € 10 miljoen en de (her)financieringsruimte middels een opeisbare vordering op de courant faciliteit bij RET Infrastructuur B.V. en RET Railgebondenvoertuigen B.V. Bovendien verwacht RET gebruik te kunnen maken van alternatieve financieringsmogelijkheden als de situatie dat vereist.

Ook voor de jaren na 2021 is de verwachting dat we qua reizigersniveau nog zullen achter blijven ten opzichte van de groei die eerder begroot was. Momenteel wordt gewerkt aan een transitieplan met daarin maatregelen om in de komende jaren weer tot een positief rendement te kunnen komen. 

Voor de financiering van de nieuwe bussen is in 2019 een nieuwe leningsovereenkomst afgesloten. Hiermee is voldoende financiering beschikbaar om de benodigde investeringen in de nieuwe busvloot te kunnen bekostigen.

Gezien het feit dat de RET een vitale en cruciale mobiliteitsrol in de regio Rotterdam vervult en daardoor gebruik kan maken van verschillende steunmaatregelen van de overheid, gemeente en opdrachtgever, wordt over de continuïteit van de dienstverlening niet getwijfeld. Daarnaast hebben wij langdurige concessieafspraken met de MRDH, waardoor financieringsstromen gewaarborgd zijn. Wij gaan ervan uit dat we middels het transitieplan tot goede afspraken komen voor de komende jaren, waardoor de continuïteit van onze dienstverlening gewaarborgd blijft.

De grootste uitdaging voor 2021 is om het resultaat op nihil te krijgen. En voor de jaren erna om weer tot een gezond rendement te komen. Daarnaast blijven het verhogen van de duurzame inzetbaarheid en het omlaag brengen van het ziekteverzuim onverminderd de grootste uitdagingen. Vooralsnog worden er geen grote veranderingen in het personeelsbestand verwacht.

De RET blijft actief betrokken bij onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten. Dit betreft onder andere experimenten met waterstofbussen en nieuwe betaalsystemen als opvolger van de OV-chipkaart. Verder blijft de ontwikkeling van het mobiliteitslandschap in zowel Rotterdams als in breder verband van toepassing.

Er zijn verder geen omstandigheden of bijzondere gebeurtenissen om in de jaarrekening of de toekomstverwachtingen rekening mee, te houden.