Financiële ontwikkelingen

Resultaat 2018

We hebben het jaar 2018 afgesloten met een positief resultaat na belastingen van € 5,6 miljoen. Dit is hoger dan het begrote resultaat van € 5 miljoen. Het jaar 2018 was ons tweede volle jaar van de nieuwe Railconcessie, waarin een lagere exploitatiebijdrage voor onze diensten is overeengekomen, gedragen door een verwachte groei van de kaartopbrengsten en kostenreducties. Het hoger dan begrote resultaat wordt voor het overgrote deel gedragen door een eenmalige bate voor in het verleden uitbetaalde transitievergoedingen aan langdurig zieken. Als gevolg van een wetswijziging kunnen uitbetaalde transitievergoedingen in geval van langdurig zieken worden geclaimd bij het UWV. Dit heeft geresulteerd in een eenmalige bate in ons resultaat van € 1,1 miljoen.

De groei van het aantal instappers en de reizigerskilometers heeft voor een positief effect op onze bedrijfsopbrengsten gezorgd. De groei was dusdanig van aard, dat we een extra bedrag aan onze opdrachtgever afdragen omdat de reizigersgroei voor RET in financiële zin gemaximeerd is. Als gevolg hiervan draagt RET in 2018 een additioneel bedrag van € 2,2 miljoen af. Mede hierdoor zijn de exploitatiebijdragen lager dan vorig jaar. Deze groei in reizigerskilometers is gerealiseerd met grotendeels hetzelfde aantal dienstregelingsuren. Door goede prestaties op het gebied van klanttevredenheid, punctualiteit en de beschikbaarheid van onze infrastructuur zijn bonussen ontvangen. Helaas is de oplevering van de Hoekse Lijn verder vertraagd. Voor de onvermijdbare kosten die RET heeft gemaakt door de vertraging van de Hoekse Lijn is een claim opgenomen onder de overige opbrengsten. De opbrengsten voor werken derden zijn als gevolg van een lager activiteitenniveau van de onderhanden projecten lager dan vorig jaar, dit is ook terug te zien in ons kostenniveau.

Het hogere ziekteverzuim van 2018 heeft wel tot gevolg dat we in de exploitatie extra kosten hebben gemaakt voor de inhuur van medewerkers om de dienstregeling te kunnen uitvoeren. Ook zijn de kosten van pensioenpremies hoger dan de indexaties, waardoor het resultaat negatief beïnvloed is.

In 2014 werd voor de resterende concessieperiode voor Bus een verlies verwacht. Voor dit verwachte verlies is in 2014 een eenmalige last in het resultaat opgenomen. Deze last kwam tot uitdrukking in enerzijds een bijzondere waardevermindering op het rollend materieel tot aan de taxatiewaarde, hiernaast is gedoteerd aan een voorziening voor de omvang van het verlieslatend contract. Het verlies is in 2014 ten laste van het resultaat en, via de resultaatbestemming, van het eigen vermogen van RET Bus B.V. zelf gebracht. Eind 2018 is vanwege de toegenomen onderhoudskosten voor de dieselbussen een additioneel bedrag van € 0,4 miljoen gedoteerd aan deze voorziening. De punctualiteit en de daaraan verbonden boetes vallen binnen de gestelde normen.

De rentebaten en -lasten waren lager dan voorgaand jaar, voornamelijk doordat de saldi van de rekeningen-courant waarop rente werd berekend gemiddeld een lager saldo kenden en de daling van de rentevoet.

Een combinatie van operationele issues en eenmalige lasten bij onze deelneming RMC B.V. zorgt ervoor dat het aandeel in het resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen voor € 0,6 miljoen negatief bijdraagt aan ons nettoresultaat. In 2017 werd een positief resultaat van € 0,9 miljoen verantwoord.

      

Balansontwikkelingen

Het balanstotaal is in lijn gebleven in vergelijking met het voorgaand jaar. Binnen de vaste activa is een toename zichtbaar bij met name de vaste activa in uitvoering, samenhangend met de nieuwbouw van onze locatie aan de Kleiweg. Hier tegenover staat een afname van de vorderingen, met name veroorzaakt door lagere rekening-courant vorderingen op onze zustermaatschappijen RET Infrastructuur B.V. en RET Railgebonden Voertuigen B.V. Aan de creditzijde van de balans zit de belangrijkste verandering in de afname van de voorzieningen als gevolg van onttrekkingen in het verslagjaar.

Per saldo is het werkkapitaal exclusief liquide middelen toegenomen en is de kasstroom uit operationele activiteiten is positief. Hier tegenover staan negatieve kasstromen uit investerings- en financieringsactiviteiten. Per saldo is er sprake van een toename van de liquide middelen.

Door de toevoeging aan het eigen vermogen vanuit de resultaatverdeling neemt de solvabiliteit ten opzichte van het voorgaande jaar toe.

Overig

Met ingang van 2016 is de vennootschap belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. De verwachting is dat in 2019 met de Belastingdienst afspraken worden gemaakt over de wijze waarop de fiscale winst van deze vennootschappen wordt bepaald. De hieruit te berekenen acute belastinglast en de herrekening van de VPB‑last over 2016 en 2017 zijn verwerkt in 2018. Binnen het kader van de gemaakte afspraken bestaan geen verschillen tussen de fiscale en boekhoudkundige waardering van activa en passiva. Hierdoor is geen sprake van fiscale latenties. De verschillen tussen de boekhoudkundige en de fiscale winst kunnen worden verklaard door de fiscale duiding als gevolg van de gelieerde verhouding van de aandeelhouder met de concessieverlener.